Les 5.6 · Lading en passagiers · 3 min lezen

Lading, passagiers en veiligheidsgordel

Lading en passagiers

Lading

  • De lading moet aan de grenzen inzake massa, afmetingen en bevestiging voldoen om de stabiliteit en zichtbaarheid van het voertuig te behouden.
  • Algemeen maximaal 4 m hoog, behalve bijzondere limieten: onder meer 2,50 m voor fietsen en voortbewegingstoestellen. Controleer het voertuigregime.
  • Breedte: 1 m voor fiets of tweewielige bromfiets; 1,25 m voor motorfiets zonder zijspan; met zijspan lading hoogstens 0,30 m breder dan het onbeladen voertuig. Drie-/vierwielers en automobielen kennen andere regels.

Passagiers, zitplaatsen en gordels

  • De bestuurder van een motorvoertuig moet over een ruimte van ten minste 55 cm breed beschikken.
  • De passagiers naast hem moeten over een ruimte van ten minste 40 cm breed beschikken.
  • Niet meer inzittenden dan plaatsen met gordel of hulpmiddel plus wettelijk vrijgestelde plaatsen. Gebruik eerst de uitgeruste plaatsen.
  • De bestuurder en passagiers die aan het verkeer deelnemen, moeten op zitplaatsen die ermee zijn uitgerust de gordel dragen.
  • Kinderen jonger dan 18 jaar moeten in een geschikt kinderbeveiligingssysteem worden vervoerd of de gordel dragen.
  • Elk kind dat kleiner is dan 1,35 m moet in een geschikte voorziening worden geplaatst: een naar achteren gericht babyzitje, kinderzitje of zitverhoger.
  • Een naar achteren gericht kinderzitje mag nooit vooraan worden geplaatst als de passagiersairbag actief is. De airbag moet eerst worden uitgeschakeld.
  • De gordel en beveiligingssystemen moeten correct worden gedragen en gebruikt.

Personen die zijn vrijgesteld van het dragen van de gordel

  • Bestuurders die achteruitrijden.
  • Taxibestuurders wanneer ze een klant vervoeren.
  • Personeelsleden van De Post die op dicht bij elkaar liggende plaatsen post bezorgen of ophalen.
  • Bestuurders en passagiers van prioritaire interventievoertuigen, in de onmiddellijke omgeving van de plaats van een mogelijke dreiging, wanneer een bedreigende persoon wordt vervoerd of wanneer ze de vervoerde persoon verzorgen.
  • Personen met een vrijstelling wegens een ernstige medische contra-indicatie, die aan elke bevoegde persoon moet worden getoond.
  • Bestuurders en passagiers van drie- of vierwielige bromfietsen die van de gordel zijn vrijgesteld, moeten een valhelm dragen.

Regels gecontroleerd op 30 september 2026

Test jezelf in examenomstandigheden

20 vragen uit de 10 thema’s, voorgelezen, 15 seconden per vraag, met de verbetering op het einde. Gratis en zonder account.

De andere lessen: Het voertuig: banden, remmen, lichten en lading

  1. 5.1Voertuigtypes, massa’s en aanhangwagens3 min lezen
  2. 5.2De verplichte uitrusting van de auto3 min lezen
  3. 5.3Banden: slijtage, bandenspanning en codes2 min lezen
  4. 5.4Remmen1 min lezen
  5. 5.5Dimlichten, grootlichten en mistlichten2 min lezen
  6. 5.7Controle en onderhoud van de auto2 min lezen