Inhalen: regels en verboden
Inhalen betekent een rijdend voertuig dat zich in dezelfde richting verplaatst voorbijrijden. Langs een stilstaand, geparkeerd of geïmmobiliseerd voertuig rijden is geen inhalen, behalve bij bijzondere regels voor spoorvoertuigen.
Algemene regel
Inhalen gebeurt links. Vóór het inhalen moet de bestuurder zich ervan vergewissen dat het manoeuvre veilig mogelijk is en niet door verkeersborden, markeringen of omstandigheden is verboden.

Verplichtingen vóór het inhalen
Een inhaalmanoeuvre wordt nooit op het laatste ogenblik voorbereid. De bestuurder moet nagaan of de weg over voldoende afstand vrij is en het manoeuvre snel kan worden voltooid, zonder gevaar te veroorzaken of andere weggebruikers te dwingen te remmen.
- Controleer of geen enkele tegenligger het inhalen gevaarlijk, moeilijk of onmogelijk maakt.
- Controleer of het voertuig dat u wilt inhalen niet zelf is beginnen inhalen of om een hindernis heen rijden.
- Controleer of geen enkele achteropkomende bestuurder al is beginnen inhalen. Als hij zich al naar links heeft begeven of het manoeuvre heeft aangekondigd, moet u hem het laten voltooien.
- Zorg ervoor dat er vóór het ingehaalde voertuig genoeg plaats is om uw normale plaats weer in te nemen zonder het te hinderen.
- Overschrijd tijdens het inhalen nooit de maximaal toegelaten snelheid.
- U moet voldoende kunnen versnellen om niet lang naast het ingehaalde voertuig te blijven rijden.

| Ogenblik | Verplichte handeling | Beoogd doel |
|---|---|---|
| Vooraf | Controleer voor u, achter u en de ruimte om weer in te voegen. | Begin niet als u het manoeuvre niet kunt voltooien. |
| Begin | Schakel de linkerrichtingaanwijzer in en begeef u voldoende naar links. | Maak het manoeuvre duidelijk en bewaar zijdelingse afstand. |
| Tijdens | Rijd niet te dicht bij het ingehaalde voertuig. | Hinder het niet en bewaar een veiligheidsmarge. |
| Einde | Schakel de rechterrichtingaanwijzer in, begeef u zo snel mogelijk opnieuw naar rechts en schakel de richtingaanwijzer uit. | Neem uw plaats weer in zonder het ingehaalde voertuig de pas af te snijden. |
Verplichtingen tijdens en aan het einde van het inhalen
- Schakel de linkerrichtingaanwijzer vóór de zijdelingse verplaatsing in.
- Begeef u voldoende naar links zonder te dicht bij het in te halen voertuig te blijven. Als de rijbaan te smal is, mag de gelijkgrondse berm of zijstrook alleen worden gebruikt als niemand daardoor in gevaar wordt gebracht.
- Schakel de linkerrichtingaanwijzer uit wanneer de zijdelingse verplaatsing voltooid is.
- Schakel de rechterrichtingaanwijzer in voordat u opnieuw naar rechts gaat.
- Ga zo snel mogelijk opnieuw naar rechts zonder andere bestuurders in gevaar te brengen of te hinderen.
- U hoeft niet onmiddellijk opnieuw naar rechts te gaan als meteen een ander inhaalmanoeuvre volgt op een rijbaan met eenrichtingsverkeer, of op een rijbaan met verkeer in beide richtingen die in ten minste vier rijstroken is verdeeld en waarop u alleen op de voor uw richting voorbehouden rijstroken rijdt.
Verplichtingen van de ingehaalde bestuurder
- Zo veel mogelijk rechts houden.
- Niet versnellen terwijl u wordt ingehaald.
- Wijk niet plots uit voor een inhalende bestuurder. Rijstrookwissel of omrijden van een obstakel kan een manoeuvre zijn waarbij u voorrang verleent; het ingehaalde voertuig heeft niet automatisch voorrang om uit te wijken.
- Op een rijbaan met meerdere rijstroken of files moet u voorrang verlenen aan bestuurders op de rijstrook of in de file links van u voordat u een stilstaand of geparkeerd voertuig voorbijrijdt.

Rechts inhalen: beperkte gevallen
- Wanneer de bestuurder die u wilt inhalen, heeft aangegeven links te willen afslaan of zich links te willen opstellen en zich naar links heeft begeven. Het is verboden het fietspad te gebruiken om hem in te halen.
- Wanneer het om een spoorvoertuig gaat. Als rechts inhalen wegens de geringe breedte, een stilstaand of geparkeerd voertuig of een vaste hindernis onmogelijk is, kan links inhalen worden toegestaan als de tegenliggers niet worden gehinderd.
- Op een rijbaan met eenrichtingsverkeer mag een spoorvoertuig links worden ingehaald wanneer de verkeersbehoeften dat rechtvaardigen.
- Als openbaar vervoer zonder halte-eiland aan uw kant reizigers laat in- of uitstappen, stop zodat zij veilig oversteken.
Wat niet als inhalen wordt beschouwd
- Sneller rijden op een andere rijstrook is alleen geen inhalen in de wettelijke gevallen van artikel 9.4, 9.5 of borden F13/F15. Meerdere rijstroken geven op zichzelf geen recht om rechts in te halen.
- De aanwijzingen van portalen of voorsorteringspijlen volgen.
- Binnen de bebouwde kom op rijstroken rijden.
- In druk verkeer in meerdere files vooruitrijden.
- Voor motorrijders: tussen rijstroken of files rijden wanneer het verkeer stilstaat of traag rijdt.
Inhaalverboden: gedetailleerde regels
Links inhalen, ook van een fietser, is verboden wanneer de omstandigheden onvoldoende veiligheid bieden.
- Inhalen is verboden als u tegenliggers niet van ver genoeg kunt zien.
- Inhalen is verboden als u voor het manoeuvre een doorlopende witte lijn moet overschrijden.
- Het is verboden een bespannen voertuig, bromfiets, motorfiets of voertuig met meer dan twee wielen links in te halen op een spoorwegovergang zonder slagbomen of verkeerslichten.
- Voor voertuigen bedoeld in artikel 17.2 (bespannen, gemotoriseerde tweewielers en voertuigen met meer dan twee wielen) is links inhalen verboden op een kruispunt met voorrang van rechts of waar u voorrang verleent. Een gewone tweewielige fiets valt niet automatisch onder dit specifieke verbod; andere regels blijven gelden.
- Inhalen is verboden bij het naderen van een heuveltop of in een bocht wanneer de zichtbaarheid onvoldoende is, behalve als het manoeuvre kan worden uitgevoerd zonder de doorlopende witte lijn tussen de rijrichtingen te overschrijden.
- Het is verboden een bestuurder in te halen die zelf al een ander voertuig dan een fiets, bromfiets of tweewielige motorfiets inhaalt. Met drie naast elkaar inhalen is verboden, behalve als de rijbaan drie of meer rijstroken heeft die voor dezelfde rijrichting zijn voorbehouden.
- Het is verboden een bestuurder in te halen die een oversteekplaats voor voetgangers of fietsers nadert of ervoor stopt. Dit verbod geldt ook op rijbanen met meerdere rijstroken in dezelfde richting en rechts inhalen is er eveneens verboden.
- Deze regel geldt niet wanneer het verkeer door een bevoegd persoon of verkeerslichten wordt geregeld.
- Op de betrokken verhoogde inrichtingen is links inhalen van de in artikel 17.2 bedoelde voertuigen wettelijk verboden, niet enkel afgeraden.

Bord C35 en fietszones
C35 verbiedt links inhalen van een bespannen voertuig of een voertuig met meer dan twee wielen. De uitzondering geldt dus alleen voor echte tweewielers, behoudens andere verboden en veiligheid; niet voor een motorfiets met zijspan of een driewielige fiets.
In een fietszone mogen bestuurders van motorvoertuigen geen fietsers, bestuurders van speedpedelecs of rijwielen inhalen. Bestuurders van speedpedelecs mogen daarentegen wel fietsers, rijwielen en andere speedpedelecs inhalen.
| Situatie | Inhalen toegestaan? | Voorwaarde of reden |
|---|---|---|
| Te overschrijden doorlopende witte lijn | Nee | De markering verbiedt op de andere rijrichting te komen. |
| Onvoldoende zichtbaarheid | Nee | U kunt het gevaar uit de tegenovergestelde richting niet voorzien. |
| Oversteekplaats voor voetgangers of fietsers | Nee | De weggebruiker vóór u kan stoppen om iemand te laten oversteken. |
| Fietszone, motorvoertuig achter een fietser | Nee | Een motorvoertuig mag de fietser niet inhalen. |
| Verkeersbord C35 | Nee, voor bespannen voertuigen of voertuigen met meer dan twee wielen | Het bord verbiedt dit links inhalen. |
Belangrijke verboden
| Situatie | Inhalen | Voorwaarde of reden |
|---|---|---|
| Spoorwegovergang zonder slagbomen of lichten | Links verboden voor voertuigen bedoeld in artikel 17.2 | Risico met een spoorvoertuig. |
| Kruispunt met voorrang van rechts | Links verboden voor voertuigen bedoeld in artikel 17.2 | Voorranghebbende weggebruikers kunnen uit verschillende richtingen komen. |
| Kruispunt geregeld door een bevoegd persoon, verkeerslichten of verkeersborden | Kan toegestaan zijn | Alleen als aan de andere voorwaarden is voldaan. |
| Kruispunt waar u met B1 of B5 voorrang moet verlenen | Links verboden voor voertuigen bedoeld in artikel 17.2 | U hebt geen voorrang. |
| Verborgen bocht of heuveltop | Verboden | Onvoldoende zichtbaarheid, behalve de voorziene uitzonderingen. |
| Met drie naast elkaar inhalen of een voertuig inhalen dat al een breed voertuig inhaalt | Verboden | Gebrek aan ruimte en zichtbaarheid. |
Regels gecontroleerd op 30 september 2026


